Hans Walrecht:
Lezing: Oorlog boven de polder
Regelmatig kunnen we in West-Friesland en de Noordkop monumenten tegenkomen die herinneren aan de luchtoorlog boven het gebied. Een opgestelde propeller met tekstbord, een dunne paal met een rood vliegtuig bovenop of een oorlogsgraf herinneren aan de bemanningen van de bommenwerpers die bij honderden over het gebied vlogen. ’s Nachts waren het de Britse bommenwerpers en overdag de Amerikanen die onafgebroken Duitse industriegebieden en steden bombardeerden. Hun werk werd aangevuld door jachtvliegtuigen die vooral het goederenvervoer per trein probeerden te ontregelen, zoals bijvoorbeeld in 1944 bij station Schagen.
Radio en radar speelden een belangrijke rol in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse kust stond vol geheimzinnige antennes, waarvan tegenwoordig hoogstens nog de betonnen funderingen te zien zijn.
De gevaarlijke Duitse nachtjagers werden op afstand begeleid door de Himmelbett stations. Een paar bekende in de regio waren Hering bij Medemblik, Salz Hering bij Den Helder en Eisbär bij Lemmer. De nachtjagers waren voor de Britse bommenwerpers veel gevaarlijker dan het Duitse luchtafweergeschut.
De bommenwerper bemanningen hadden slechts een kans van 1 op 2 om de oorlog te overleven. We staan stil bij een aantal monumenten in de regio die herinneren aan de Tweede Wereldoorlog. En elk monument vertelt een verhaal.
West-Friesland is ook de plaats waar de droppings voor het verzet plaatsvonden. De eerste dropping was op 9 september 1944 op het veld ‘Mandrill’ bij Spanbroek.
